h

SP Zwolle: Een betere toekomst in minder armoede.

11 november 2016

SP Zwolle: Een betere toekomst in minder armoede.

Foto: Nynke Vissia / www.sp.nl
Bij de behandeling van de Zwolse begroting voor 2017 heeft de SP vijf voorstellen gedaan om mensen die dagelijks in armoede moeten leven, te ondersteunen. En waardoor mensen met een taalachterstand weer een kans voor de toekomst krijgen.
 
1. Ophogen van de armoedegrens. Dus zorgen dat meer mensen gebruik kunnen maken van de bestaande armoederegelingen.
 
2. Aanvullend op de bestaande regelingen, een declaratiefonds instellen. Waardoor het voor mensen rond het sociaal minimum mogelijk wordt mee te doen aan het verenigingsleven. Dus mee te doen bij sport en cultuur. Net als de andere inwoners in Zwolle.
 
3. Het verstrekken van een abonnement op de Stadkamer. Waardoor de minst bedeelden in onze stad ook toegang krijgen tot (kennis van) literatuur, kunst, educatie en cultuur. En daarmee een basis kunnen leggen voor hun taalvaardigheid en zelfredzaamheid.
 
4. Een daadwerkelijk en concreet kindpakket invoeren. We kennen in Zwolle al een aantal goede regelingen voor kinderen in armoede. Maar ook met die regelingen komen mensen niet rond. Door een concreet kindpakket in te stellen (met bijvoorbeeld kledingbonnen), geven we ook de jongste inwoners in onze stad een menselijke start van hun leven. 
 
5. Extra hulp / geld voor laaggeletterden en mensen met een taalachterstand. Daarmee krijgen zij niet alleen meer kans op de arbeidsmarkt maar zal ook hun dagelijks leven en welzijn verbeteren. 
 

Zie hieronder de gehele spreektekst van SP-fractievoorzitter Frank Futselaar:
 

De Geest van Thorbecke.

Voorzitter,

De Zwolse staatsman Thorbecke leidde in het jaar 1854 een van de grotere politieke nederlagen uit zijn carrière. Waar hij in zijn grondwet van 1848 al armoede tot een specifiek punt van zorg van de overheid had gemaakt, wat het trouwens nog steeds is, wilde hij nu met zijn armenwet de overheid een definitieve rol in armoedebestrijding geven. Het mocht niet zo zijn. Nadat hij een jaar eerder al zijn ministerspost had verloren, zag hij nu zijn armenwet getorpedeerd door zijn voornaamste tegenstrever. De eveneens liberale Van Hall. Van Hall was in de eerste plaats vertegenwoordiger van de rijkste Amsterdamse patriciersfamilies en hun belangen, en we zouden hem dus misschien vandaag een moderne liberaal noemen. Van Hall sloot een monsterverbond met de conservatief-christelijke groeperingen in de kamer, die vonden dat armoedebestrijding in de eerste plaats vanuit de samenleving moest komen, specifiek van de kerken. Want voorzitter, laat er geen misverstand over bestaan, de participatiemaatschappij is op geen enkele wijze een modern idee, alleen een moderne term voor een oud en versleten idee. Niet alleen kwam er geen centraal overheidsbeleid, het werd gemeenten zelfs verboden aan armoedebestrijding te doen. Dat armoede hierdoor fors toenam moge geen verrassing zijn.

Waarom was armoedebeleid door de overheid voor liberaal Thorbecke zo van belang?

Thorbecke de politicus, maar ook Thorbecke de wetenschapper heeft er over geschreven. Hij noemde armoede “één der diepste en gevaarlijkste wonden van het maatschappelijk ligchaam: en stelde:

‘De staat, die zich om het lijden van een talrijke klasse van zijn leden, buiten machte om zich het nodige onderhoud te verschaffen, niet bekreunde, zou, mijns inziens, in zijne roeping tekortschieten en de gevolgen weldra ondervinden.’

“ Wat is het gevolg? De middelklasse der nijvere burgers wordt gevoelig gekortwiekt, hare leden worden al minder en minder in getal, haar bloei en aanzien raken aan het kwijnen.”  En zijn slotgedachte over het bestaan van armoede in de door heb gecreeerde democratie van vrije staatsburgers.

“Kapitaal trekt kapitaal aan; waar het is, wil het meerdere wezen. Wanneer met toenemenden rijkdom aan den eenen, armoede aan den anderen kant zich uitbreidt; wanneer de rijke nog rijker, hij, die weinig heeft, nog armer moet worden; wat is de wetgeving, die allen Staatsburgerschap aanbiedt onder eene door weinigen bereikbare voorwaarde, wat is die wetgeving, tenzij ironie?

Voorzitter, als Thorbecke zijn land vandaag zou zien zou veel hem vreemd voorkomen. Ik mag graag denken dat hij ingenomen zou zijn met het feit dat het suffige, slaperige Zwolle, dat hij meermaals verfoeid heeft, inmiddels een  bruisende, levendige stad is geworden. Een stad van onderwijs, van ondernemersschap, van cultuur. Hij zou een stad en een land zien die oneindig veel rijker is geworden, vooruitgang heeft gekend. Ik weet niet wat hem meer zou verbazen: zijn standbeeld op het stationsplein of de permanente enorme fietsenchaos ernaast.

Hij zou ook dingen herkennen: De koning heet nog steeds Willem, de door hem gehate Eerste Kamer bestaat nog steeds en er is, wederom: een gapend gat tussen de rijkdom van het land in het algemeen en de burgers die er wonen. Het is nu 2016, maar sinds het jaar 1990 zijn is het besteedbaar inkomen van de Nederlanders achtergebleven bij de economische groei. Dat is 26 jaar achterstand, niet alleen voor de lage inkomens, maar ook voor de middeninkomens. 26 jaar ook aan achtergebleven binnenlandse bestedingen, en dan nog zijn we verbaasd dat de detailhandel en de horeca het moeilijk hebben en onze binnensteden leegvallen. Geen wonder ook, dat het economisch herstel in Nederland de afgelopen jaren achtergebleven is bij de ons omringende landen. Dat is de erfenis van de kabinetten Rutte.

Voorzitter, wij gaan in Zwolle niet de loongolf teweeg brengen die  onze economie zo hard nodig heeft. Wij hebben daar noch de wettelijke, noch de financiële middelen voor.  Maar dat hebben we wel als het gaat om armoedebestrijding. Voor het eerst sinds ik in deze raad zit is de begroting niet in de eerste plaats een bezuinigingsvraagstuk, maar hebben wij middelen beschikbaar.

Tegelijkertijd hebben wij nu eindelijk de armoedemonitor, die stelt dat de situatie in de stad op het gebied van armoede ernstig is, ernstiger zelfs dan de SP gedacht had.  12.2% van de Zwolse huishoudens leven op of onder het minimuminkomen, 10% van de Zwolse kinderen. 2500. Dat zijn genoeg kinderen om de grote zaal van De Spiegel, die wij weer fors subsidieren, drie keer geheel te vullen, en nog genoeg kinderen over te houden voor negen voetbalteams.

Voorzitter, dit college kent de SP als kritisch als het gaat om haar armoedebeleid, maar het ophogen van kindregelingen naar 130% van het sociaal minimum vorig jaar was een goede zaak waarvoor we het college prijzen. Al durft de SP in momenten van onbescheidenheid ook wel te denken dat ons voortdurend hameren op dit onderwerp de afgelopen jaren misschien ook een klein beetje heeft bijgedragen. Hoe dan ook, een goede zaak.

Het is niet genoeg. Wij willen meer doen. Wij kunnen nu meer doen. Wij moeten nu meer doen. Daarom dient de SP een serie moties in specifiek gericht op verdere armoedebestrijding. Het zijn “suggesties” om uit te werken voor de voorjaarsbrief. Maar laat een ding duidelijk zijn: wij verwachten dan niet een boodschap dat “het een halfjaar voor de verkiezingen is en we geen vergaande besluiten meer willen nemen”. Er is nu langgenoeg uitgesteld als het gaat om  nieuwe, serieuze, structurele maatregelen voor de armsten in onze stad. De noodzaak is duidelijk aangetoond, de middelen zijn beschikbaar, alleen de politieke wil moet er zijn.

Voorzitter, laten wij die politieke wil tonen. Weg met de geest van Van Hall: leve de geest van Thorbecke.

Zie ook:

U bent hier